Er zijn meerdere verschillen tussen de botten van kinderen en volwassenen. Een eerste verschil is, dat het beenvlies bij kinderen dikker is. Beenvlies zit om hun bot heen en is te vergelijken met de schors van een boom. In dit beenvlies zitten cellen die nieuw bot maken. Omdat kinderbot nog moet groeien, is het beenvlies beduidend dikker dan bij volwassenen. Een tweede verschil is, dat kinderen groeischijven van kraakbeen hebben, vlakbij de uiteinden van de botten. Deze zorgen voor extra lengtegroei. De groeischijven verdwijnen na de puberteit.
We hebben een aantal middelen om correcte botgenezing te bevorderen:
Als de groeischijf eenmaal beschadigd is, kunnen we deze niet meer repareren. Het is dan alleen mogelijk de gevolgen te behandelen. Waar schade aan de groeischijf is opgelopen, maakt het lichaam bot. Dit bot groeit niet zoals een groeischijf en remt de groei af. Als dit bot middenin de groeischijf zit, remt het alleen de groei af. Wanneer het nieuwe bot in de zijkant van de groeischijf zit, dan blijft het hier niet bij: het bot groeit ook krom, wanneer de andere kant van de groeischijf wél doorgroeit.
Als maar een klein deel van de groeischijf beschadigd is, proberen we dit te verwijderen en er een stukje vet of ander materiaal in te stoppen. Zodoende kan er geen nieuw bot teruggroeien. Wanneer dit lukt, kan de rest van de groeischijf genoeg kracht hebben om normaal door te groeien.
Is een groter deel van de groeischijf beschadigd, dan stopt het bot op die plaats met de lengtegroei van de groeischijf. Bij kromgroeien kan het dan verstandig zijn het nog functionerende deel van de groeischijf ook te beschadigen, om verder kromgroeien te voorkomen. Het probleem over het lengtetekort resteert nu. Wanneer dit lengtetekort een probleem is, kunnen we dit oplossen met botverlengende operaties (zie beenverlenging).